Ons onderwijs

De Regenboog is een open school, een school met ruimte voor ideeën en aandacht voor het individu.

Er wordt op De Regenboog hard gewerkt aan zowel de basisvaardigheden als aan de ontwikkeling van creatieve en sociaal-emotionele vaardigheden. Daarbij wordt gebruikgemaakt van een vast weekschema, waarin onder andere kringgesprekken, zelfstandigheid en samenwerking rondom thema’s en creatieve vakken in opgenomen zijn. Ook wordt gelet op een afwisseling van spanning en ontspanning tussen de activiteiten.

Door de sociaal-emotionele en creatieve vaardigheden die kinderen door ons onderwijs aanleren, leren zij goed samenwerken en krijgen ze een sterk zelfbeeld.

 

Hoe we tegen mensen/kinderen aankijken:

  • Elk mens is uniek daarom heeft elk mens zijn/haar waarde.
  • Elk mens heeft het recht een eigen identiteit te ontwikkelen. Daarbij spelen de volgende zaken een rol: zelfstandigheid, kritisch bewustzijn, creativiteit en gerichtheid op sociale rechtvaardigheid. Ras, nationaliteit, geslacht, seksuele gerichtheid, sociaal milieu, religie, levensbeschouwing of handicap mogen daarbij geen verschil uitmaken.
  • Elk mens heeft voor het ontwikkelen van een eigen identiteit persoonlijke relaties nodig, met medemensen en omgeving.
  • Elk mens wordt steeds als totale persoonlijkheid erkend.

Hoe we tegen de samenleving aankijken:

  • Elk mens draagt iets bij aan de wereld waarin het leeft.
  • Elk mens moet werken aan een samenleving die ieders waarde respecteert.
  • Mensen moeten werken aan een samenleving die ruimte en stimulansen biedt voor ieders identiteitsontwikkeling.
  • Mensen moeten werken aan een samenleving waarin rechtvaardig, vreedzaam en constructief met verschillen en veranderingen wordt omgegaan.
  • Mensen moeten werken aan een samenleving die respectvol en zorgvuldig met het milieu wordt omgegaan; ook voor toekomstig gebruik.

Hoe we tegen de school aankijken:

  • De school is een betrekkelijk zelfstandige, samenwerkende organisatie, die door de maatschappij beïnvloed wordt en deze ook beïnvloedt.
  • De volwassenen in de school hebben de taak de bovengenoemde uitgangspunten om te zetten in pedagogisch handelen naar kinderen.
  • De leerstof in de school past zowel bij de leefwereld van de kinderen als bij de maatschappij om ons heen.
  • Het handelen van volwassenen in de school wordt bepaald door de taak om opvoedkundig bezig te zijn
  • In de school wordt het onderwijs vorm gegeven door een ritmische afwisseling van de basisactiviteiten gesprek, spel, werk en viering.
  • In de school vindt overwegend heterogene groepering van kinderen plaats naar leeftijd en ontwikkelingsniveau om het leren van elkaar en het zorgen voor elkaar te stimuleren.
  • In de school wordt zelfstandig spelen en leren afgewisseld met geleid leren. Initiatieven van kinderen spelen een belangrijke rol.
  • Wereldoriëntatie (ook bij de andere vakgebieden) is de basis, met een duidelijke plaats voor ervaren, ontdekken en onderzoeken.
  • Bij de beoordeling van gedrag en prestatie in de school vergelijken we vooral de eigen ontwikkeling van een kind en zetten zo min mogelijk kinderen tegen elkaar af. Over deze beoordeling vindt communicatie met kind en ouder plaats.
  • In de school vormen veranderingen en verbeteringen een nooit eindigend proces. Denken en doen wisselen elkaar af.